TOEGEVOEGDE WAARDE IN DE BELGISCHE HAVENS STIJGT MET 7 %

De in de Belgische havens geproduceerde toegevoegde waarde steeg iets meer dan 7% in 2017, dit door een sterke toename van net geen 10% in de niet-maritieme cluster. Die stijging was, met uitzondering van het havengebied van Luik, in alle havens merkbaar. Om te voorzien in de behoefte aan snel beschikbare indicatoren over het verloop van de toegevoegde waarde en de werkgelegenheid in de Belgische havens, publiceert de Nationale Bank sedert 2006 een jaarlijkse flashraming. De voornaamste resultaten worden in de tabellen hieronder weergegeven:


De cijfers met betrekking tot het jaar 2017 zijn ramingen aan de hand van statistische technieken, in afwachting van de definitieve cijfers die binnen een aantal maanden in de working paper verschijnen.

Toegevoegde waarde
De in de Belgische havens geproduceerde toegevoegde waarde steeg iets meer dan 7% in 2017, dit door een sterke toename van net geen 10% in de niet-maritieme cluster. Die stijging was, met uitzondering van het havengebied van Luik, in alle havens merkbaar. De toegevoegde waarde steeg met meer dan 10% in de metaalverwerkende nijverheid in de haven van Gent en voor de branche andere logistieke sectoren in Brussel werd zelfs een groeicijfer van om en bij 20% opgetekend. Er dient evenwel te worden opgemerkt dat beide aanmerkelijke groeipercentages toegeschreven moeten worden aan een beperkt aantal grote internationale ondernemingen in de betrokken havengebieden. In de haven van Antwerpen kende de chemische sector, na de terugval in 2016, opnieuw een toename. Deze bedrijfstak zorgde ervoor dat de toegevoegde waarde in de niet-maritieme cluster met meer dan 10% steeg en alzo de cijfers van 2015 overtrof. De stijging van de toegevoegde waarde in de haven van Zeebrugge gebeurde voornamelijk onder impuls van de ontwikkelingen in de niet-maritieme branches wegtransport, handel en de energiesector. De haven van Oostende kende globaal gezien een toename in toegevoegde waarde, maar door een terugval in de sector havenaanleg en baggerwerken werd er een daling in de maritieme cluster opgetekend. De daling in het havencomplex van Luik is vooral te wijten aan een grote onderneming in de energiesector, en kon niet worden gecompenseerd ondanks de lichte stijging in de maritieme cluster.

Werkgelegenheid
De sedert een aantal jaren opgetekende dalende tendens van de werkgelegenheid in de Belgische havens leek in de havens van Antwerpen, Gent en Luik te stoppen, en dit in het bijzonder in de maritieme sectoren.
De totale tewerkstelling in de haven van Zeebrugge liet eveneens een stijging zien, maar door het banenverlies in de handel bleef de dalende tendens er zich verderzetten in de niet-maritieme cluster. De haven van Antwerpen vertoonde de meest uitgesproken tewerkstellingsgroei in de maritieme sector goederenbehandeling. De grootste procentuele groei was merkbaar in de sectoren goederenbehandeling en scheepsagenten en expediteurs in de havens van Gent en Luik. De haven van Brussel was de enige haven met een banenverlies van rond de 10% in de maritieme sectoren, veroorzaakt door sluiting of verhuizing van verschillende ondernemingen in de sectoren scheepsagenten en expediteurs en de goederenbehandeling.
Het beperkte banenverlies in de haven van Oostende is voornamelijk toe te schrijven aan de publieke sector en de visserij, alsook de kleinere niet-maritieme sectoren.

Evolutie goederenstromen
Het goederenverkeer nam in 2017 met 4.3% toe. De haven van Gent vertoonde voor het tweede jaar op rij een zeer krachtige groei van meer dan 10%, en ook voor Brussel werd een forse toename genoteerd. De havens van Antwerpen en Luik kenden opnieuw een groei van rond de 4%, daar waar Zeebrugge net zoals vorig jaar een daling van bijna 2% optekende. Oostende is de hekkensluiter met een terugval van meer dan
6%, veroorzaakt door een afname van vloeibare bulk. Op te merken valt dat de stijging van vloeibare bulk trafiek in Antwerpen vooral petroleumproducten en chemicaliën betreft, daar waar de terugval in al de andere
Vlaamse havens toe te schrijven is aan een verminderde overslag van fruitsap in bulk. Voor Zeebrugge werd deze daling mede veroorzaakt door een daling van het overgeslagen vloeibaar aardgas. De haven van Gent was de enige haven waar de overslag van vaste bulkgoederen toenam, en dit met bijna 19%. In de drie grootste Vlaamse havens groeide de containeroverslag met ongeveer 5% (in Oostende worden er sinds
2008 geen containers meer behandeld). Zeebrugge kon de dalende trend van de vorige twee jaren deels herstellen.

Brexit effect
De economische ontwikkelingen in 2017 in de haven van Zeebrugge ondervonden ongetwijfeld reeds een negatieve weerslag van de moeilijke en langdurige onderhandelingen in verband met de Brexit. Zeebrugge is immers de haven bij uitstek voor de trafiek met het VK. Die moeilijke politieke situatie vertaalt zich in onzekerheid bij de handelsrelaties wat de groei niet ten goede komt.

 

Bron: https://www.nbb.be/